Landelijk kennisnetwerk van houders van boerderijdieren

Konijnen en huisvesting

Konijnen huisvesting

Hobbykonijnen leven meestal in hokken. Vanuit het welzijn van het konijn bekeken is dat niet ideaal. Konijnen die altijd binnen zitten, krijgen last van een tekort aan vitamine D. Problemen met het gebit, hart en immuunsysteem zijn het gevolg.

Er zijn wel konijnenhokken met veel licht en voldoende bewegingsruimte voor twee of meerdere konijnen. Je kunt de hokken zo bouwen dat de konijnen zowel een buitenren hebben als een nachthok. Dat nachthok is dan tevens een plek waar het konijn zich ook overdag veilig kan terugtrekken. Hou als maten aan: minimaal 250x80x60cm (bxdxh) voor het nachthok en een minimale oppervlakte voor de vaste uitloopren van 7 à 8 m².


(advertentie)  

Doe je konijnen een plezier met een ruim konijnenhok van DEHuisdiersuper.NL
Ideaal in combinatie met een konijnennet


Lukt het je niet om zo'n grote vaste uitloopren te maken, kijk dan eens naar een losse konijnenren. Die zijn wel zo handig, omdat je ze gemakkelijk kunt verplaatsen. Vooral als de zon schijnt is dat fijn. Konijnen hebben dan behoefte aan schaduw. Maar ook hiervoor geldt: zorg ervoor dat de konijnen voldoende ruimte hebben en dat ze naar binnen kunnen als het gaat regenen of als er gevaar dreigt. Denk bijvoorbeeld aan de kat of hond van de buren.
Wil je je konijnen echt laten spelen en rennen, zet dan een konijnennet voor ze neer rond het konijnenhok. Deze netten hebben een lengte van ongeveer 50 meter en moeten wel onder stroom worden gezet. De konijnen hebben gauw genoeg in de gaten dat ze het net niet moeten aanraken. 

Konijnenheuvel
Een konijnenheuvel is natuurlijk helemaal het einde voor een groepje langoren. Met een konijnenheuvel – zowel een kunstmatige als een natuurlijke – doe je konijnen een groot plezier. Het is bovendien beter voor hun gezondheid.

Hygiëne en gevaar
Nu hoor je vaak dat een konijnenheuvel slecht is schoon te maken. Dat klopt, maar dat geeft niet. Konijnen plassen liever in het zand dan op hun hokbodem. In of bij de heuvel kiezen de konijnen een vaste toiletplek. Na verloop van tijd wordt de wc dichtgegooid en een nieuwe in gebruik genomen. Regen en compostering doen de rest. Het nachthok moet natuurlijk af en toe wel worden verschoond, maar niet zo vaak als een ‘gewoon’ buitenhok.
Dan het schrikbeeld van zieke konijnen die zich ondergronds terugtrekken. De kans daarop is niet groot, want konijnen trekken juist uit hun (familie)holen als ze zich niet lekker voelen. Bij erg slecht weer, bij het nestelen en bij gevaar duiken de konijnen vaak wel een tijdje onder.
Gevaren zijn er op de konijnenheuvel natuurlijk meer dan in een hok met rennetje. De konijnen moeten daarom zowel onder- als bovengronds voldoende vluchtwegen en schuilplaatsen hebben om aan roofvogels, ratten, katten, vossen en andere roofdieren te kunnen ontsnappen. Ook voor schermutselingen tussen konijnen onderling is dat van belang.

Natuurlijke konijnenheuvel
Geen betere architecten dan de konijnen zelf. Geef de konijnen een flinke berg grond en ze zullen een uitgebreid en dynamisch gangen- en holenstelsel gaan graven.
Er zijn wel wat mitsen en maren. Zo hebben konijnen voor hun graafwerk zanderige, goed waterdoorlatende grond nodig. Met vette kleigrond kunnen ze slecht uit de voeten. Als de grondsoort niet geschikt is, meng dan bij met zand. Gewoon een paar kuub zand storten is geen goed idee: los zand kan niet worden aangestampt en stort direct weer in.
Een natuurlijke konijnenheuvel heeft ook een flinke doorsnee van minstens zeven of acht meter. Konijnen kunnen er zelf prima voor zorgen dat hun gangen niet inregenen. Is hun graafruimte echter te beperkt, dan lukt dat niet goed en kan de heuvel niet echt als woonruimte dienen. Bij een natuurlijke konijnenheuvel kun je het beste een hekwerk kiezen van ongeveer een meter hoog, want de dieren zullen ook in de buurt van het hek heuveltjes gaan opwerpen. Geef ook bij een natuurlijke konijnenheuvel de dieren altijd een goed en ruim hok.

Een ‘uitbraakproof’ konijnenverblijf
Een goede konijnenburcht op basis van buizen is één tot anderhalve meter hoog. Door de heuvel lopen gresbuizen (stenen rioolbuizen) of pvc-buizen van minstens 25 cm doorsnede. Plaats de buizen op verschillende hoogtes en laat minstens twee ervan op een nachthok uitkomen. Vanuit het nachthok bekeken moeten de buizen schuin aflopen, anders loopt er regenwater in. Pvc-buizen kun je met elkaar verbinden tot een mooi gangenstelsel via Y-koppelingen. Gebruik geen T-stukken, die hebben een te scherpe hoek.
In een heuvel met buizen zullen konijnen toch ook zelf gaan graven. Om graafprojecten te voorkomen kun je over de hele heuvel gaas leggen. Een mooie oplossing is een met graszoden bedekte heuvel waar overheen gaas gespannen wordt, vastgezet met tentharingen of grote krammen. Als het gras is aangeslagen, zal het gaas onzichtbaar zijn. Het gaas moet doorlopen tot aan de omheining en daaraan vastgemaakt worden. Zo wordt het hele konijnenverblijf graaf- en uitbraak-proof.

Plaats van het hok
Bij de konijnenheuvel met buizen wordt het nachthok iets ingegraven, bij voorkeur in het midden. Het blijft voor verzorgers goed toegankelijk, omdat de heuvel niet verandert. Het dak moet van bovenaf geopend kunnen worden.Plaats het hok bij een natuurlijke konijnenheuvel niet in het midden maar juist dichtbij de omheining. Zo kun je er makkelijk bij, zonder per ongeluk gangen of holen in te trappen. Het hok kan daar echter ook een ontsnappingsroute worden. Het beste is daarom een hok dat net een stukje van de omheining af staat. Als je consequent voert in het hok, dan gaan konijnen niet permanent in hun holen wonen en keren ze steeds terug naar het hok. Daar kun je de konijnen checken, verzorgen en eventueel behandelen of ophokken bij ziekte.

Kou is geen probleem voor konijnen, vocht en hitte wel. Konijnen houden niet van regen en al helemaal niet van natte voeten. Dan worden ze vatbaarder voor ziektes. Een buitenhok moet daarom altijd een flink dakoverstek hebben, zodat de nattigheid buiten blijft. Met tocht en harde wind zijn konijnen ook niet blij. Het hok zou daarom enigszins beschut moeten staan. Het beste is een schaduwrijke plek, want konijnen verdragen alles beter dan hitte en felle zon. Zeker in de zomer moet een konijn uit de zon kunnen zitten. De open zijde van het hok is bij voorkeur op het oosten gericht. Dan komt alleen de minder brandende ochtendzon direct binnen.

Omheining
Bij een kunstmatige konijnenheuvel is een omheining van zo’n zeventig tot tachtig cm hoog gaas meestal wel voldoende. Als je niet een al te hoog hekwerk wilt, kun je ook een strook slap (kippen)gaas aan de bovenkant van het hek bevestigen en dat vervolgens een beetje naar binnenvouwen.
Bij een kleine konijnenheuvel kan het nodig zijn wat dieper in de grond (op zo’50 cm diepte) een laag gaas aan te brengen om ontsnappen te voorkomen. Daarvoor moet dus eerst een kuil worden gegraven. In die kuil leg je een laag gaas, grond eroverheen, en vervolgens bodemgaas en omheininggaas naadloos laten aansluiten. Bij een grotere konijnenheuvel is het diep (minstens 70 cm) ingraven van de omheining een logischer optie. Gaaspanelen van betongaas met kleine mazen zijn hiervoor heel handig. Maak de afzonderlijke delen aan elkaar vast of laat ze ondergronds een stukje overlappen.
Kies altijd voor een stevige gaasconstructie met een draaddikte van minimaal 1,4 mm. Kippengaas is niet geschikt voor konijnen; dat hebben ze binnen de kortste keren doorgeknaagd.

Gerelateerde onderwerpen:

Terug naar:

Lekker winkelen zonder zorgen - Gratis verzending en retour