Landelijk kennisnetwerk van houders van boerderijdieren

Ezels kunnen in stilte lijden

Ingediend door jinke op 26 juli 2007 - 22:46

door Jinke Hesterman

Het is alweer een tijdje geleden dat Nanda van Dijk haar opleiding tot dierenarts voltooide aan de Universiteit van Utrecht. Over de ezel kreeg ze bitter weinig te horen. “Ezels mogen niet met een paard samen in de wei vanwege de longwormen”. Dat was zo’n beetje het enige wat dierenartsen erover leerden. Maar die uitspraak is al lang achterhaald door het gebruik van goede wormmiddelen. Een juiste dosis ontwormpasta met bijvoorbeeld ivermectine (0,2 mg. per kg. lichaamsgewicht) is zeer effectief.
Acht jaar geleden kwam ze in aanraking met de Ezelsociëteit. Ze werd inspectrice voor adoptie-ezels. Sindsdien heeft ze heel wat bijgeleerd. Ze nam onder meer kennis van het Professional Handbook of the Donkey, de “ezelbijbel” van dr. Elisabeth Svendson, oprichtster van het Donkey Sanctuary in het Engelse Sidmouth. Ze werkte mee aan diverse artikelen over ezels, zat in de organisatie van twee symposia voor dierenartsen en voor eigenaren, en ze vertaalde de gids voor het bekappen van ezelhoeven. Daarin staat dat ook ezelhoeven behoorlijk wat aandacht nodig hebben (in tegenstelling tot wat de meeste mensen denken) en geregeld bekapt moeten worden (1 keer in de 6 tot 10 weken).

Ezels laten slecht pijn zien
Er gaan een heleboel dingen mis met ezels, weet Nanda inmiddels. Zowel op het gebied van voeding, als op het gebied van huisvesting, verzorging en gezondheid. Vetzucht, hoefproblemen, hyperlipaemie (verstoring van de vetstofwisseling), longontsteking, gebitsproblemen, koliek, tetanus, hoefbevangenheid – het komt allemaal regelmatig voor. Soms is er zelfs een combinatie van aandoeningen, terwijl de ezel er niets van laat merken. Zijn “peerd en hond krupel um stront”, de ezel reageert anders. “Ze laten heel slecht pijn zien”, zegt Nanda van Dijk. “Als ze koliek hebben, liggen ze niet direct te kronkelen van de pijn, maar staan ze wat te suffen. Een paard zweet, heeft een verhoogde hartslag, wil gaan rollen: dat zijn duidelijke tekenen. Ezels kunnen in stilte lijden. Als een ezel trapbewegingen naar de buik maakt, is het vaak al te laat. Een slome ezel die niet eet, moet behandeld worden als een spoedgeval.”

Verzorging
Dat een ezel geen paard is, mag als bekend worden verondersteld. De hoeven zijn anders en vergen een ander soort verzorging (zie ook wiki Hoefverzorging bij ezels). Ezels kunnen, in tegenstelling tot paarden die echt vluchtdieren zijn, bij een behandeling flink van zich afbijten. Ze hebben namelijk meer een vechtrespons dan een vluchtrespons. Nog iets om rekening mee te houden: ezelbloed is geen paardenbloed. Bij een vermoeden van bijvoorbeeld hyperlipaemie, is het goed te weten dat de bloedwaarden verschillen van die van paarden. Zo kunnen onjuiste interpretaties van laboratoriumuitslagen worden voorkomen. Nanda van Dijk: “Het is bij ezels helemaal niet eenvoudig om een goede diagnose te stellen. Neem een ezel met diarree. Dat kan komen door te eiwitrijk voedsel, infecties, gebitsproblemen, parasieten (wormen) of door stress.’’

Intelligent
Mensen vergissen zich als ze denken dat een ezel een makkelijk dier is. Het zijn ontsnappingskunstenaars. Ze zijn intelligenter dan paarden, vervelen zich snel. Ze willen gezelschap, liefst van een andere ezel, maar een paard of een geit kan eventueel ook. Ze hebben altijd een droge stal nodig om te kunnen schuilen, omdat hun vacht (in tegenstelling tot een paardenvacht) niet tegen regen kan. De jaarlijkse vaccinatie tegen tetanus en influenza en een halfjaarlijkse inspectie van het gebit behoren eveneens tot de basisverzorging, net als het eerder genoemde bekappen van de hoeven. Wie geregeld zijn ezel een halster om doet, er een eindje mee gaat lopen, de voetjes zo nu en dan optilt, de temperatuur opneemt (zie kader) en bandages om doet, heeft al een hoop gewonnen voor het geval de dierenarts, de hoefsmid of de paardentandarts er een keer bij moet komen. Is er een behandeling nodig, dan doet de eigenaar er verstandig aan de nodige rust te bewaren, de ezel niet te scheiden van zijn maatje, een stevig halster om te doen en het dier af te leiden met wat voer.

Fysiologische gegevens van de ezel
Temp. volwassen dier 37,1 36,2-37,8 jong dier 37,6 36,6-38,9
Pols volwassen dier 44 36-88 (spm) jong dier 60 44-80
Adem volwassen dier 20 12-44 (per min) jong dier 28 16-48
(Uit het Professional Handbook of the Donkey)

Ezel, omvang en gewicht
Een ezel met een schofthoogte van 110 cm en een borstomvang van 120 cm is goed op gewicht bij circa 180 kg. Het Donkey Sanctuary in Engeland heeft een tabel ontwikkeld waarmee van elke ezel het gewicht kan worden bepaald. De berekening gaat voor volwassen ezels als volgt: 0,0252 x (schofthoogte x 0,24) x (borstomvang x 2,5). Voor ezels onder de twee jaar geldt een andere berekening. Er is bij de Ezelsociëteit overigens ook een handige lichaamsconditie score kaart beschikbaar, om te zien of een ezel te licht, te zwaar of juist goed van gewicht is. Wanneer het om de hoeveelheid voeding gaat, die ze nodig hebben: “Kijk naar de ezel”, adviseert Nanda van Dijk. “Het is moeilijk om de gulden middenweg te vinden tussen te vet en te mager. Door goed te kijken, te voelen en op te meten, kun je een hoop problemen voorkomen. ‘’

Verschenen in

Aanbevolen door Levende Have

Bezoek ook onze Boekenpagina, klik hier