Landelijk kennisnetwerk van houders van boerderijdieren

Hittestress bij schapen

Hittestress bij schapen

Als de temperatuur boven de ca. 23 graden celcius stijgt en schaduw ontbreekt, ondervinden schapen hittestress. Hittestress geeft een verhoogde ademhalingsfrequentie, extra vochtinname, verminderde eetlust en lagere melkgift. Voldoende schaduw op warme dagen vermindert het ongerief. Later scheren dan mei is onwenselijk. Ook beneden 23 graden celcius kan hittestress optreden bij melkgevende en drachtige ooien door de eigen warmteproductie. Scheren vermindert dit ongerief en de kans op gevaarlijke voedingsstoornissen.
De schapen reageren op hittestress door hun warmteproductie te verminderen middels verlaging van vooral de ruwvoeropname. In krachtvoerrijke rantsoenen kan dit mogelijk leiden tot pensverzuring. Het (vaker) verstrekken van vers ruwvoer en geleidelijk overgaan naar verteerbaar krachtvoer is hierbij erg belangrijk. Door vroegtijdig te beginnen met het ‘bufferen’ van de pens en het verstrekken van extra natrium om de vochtopname te stimuleren, kan men de nadelige effecten zoveel mogelijk voorkomen.

Water voor schapen
De wateropname van een schaap is ongeveer 7 tot 10% van het lichaamsgewicht, dus 4,5 tot 7 liter/dag. Het spreekt voor zich dat zeker in warme periodes voldoende vers drinkwater een absolute vereiste is. Schapen halen doorgaans veel vocht uit het gras, maar in een droge periode neemt die vochtopname af en zullen ze meer drinken. Zet het water voor de schapen op een schaduwrijke plek en hou het op een koele temperatuur door er een koelelement aan toe te voegen. Tip: vul een paar pet-flessen met water (niet helemaal tot aan de rand) en leg een bevroren pet-fles in de waterbak.

Terug naar:

Lekker winkelen zonder zorgen - Gratis verzending en retour