Landelijk kennisnetwerk van houders van boerderijdieren

Chillingham

Chillingham koeien

De Chillingham-koeien zijn de laatste wilde runderen, uniek in de wereld, zeldzamer dan de Reuzenpanda. Koeien met een rijke historie, de nog enig levende link met het vee uit de prehistorie, afstammelingen van de ossen uit Mesopotamië. De Chillingham’s zouden al sinds de dertiende eeuw in het gelijknamige park in Northumberland verblijven, hoewel bewijzen daarvoor ontbreken. Het verhaal gaat dat in 1344 de koning van Engeland aan Chillingham Castle het recht gaf om vee te houden voor voedsel en voor de jacht. Vaststaat dat de eeuwen daarna de kudde eigendom was van de graven van Tankerville, tot aan 1971 toen de koeien werden overgedragen aan de Chillingham Wild Cattle Association.

Al die eeuwen hebben de koeien dezelfde kleur behouden: het lichaam is wit met op de nek en schouders hier en daar wat kleine zwarte vlekjes en roodachtige oren. Erg groot en zwaar zijn ze niet: de stieren wegen zo’n 300, de koeien 280 kilo. Ze hebben een schofthoogte van ongeveer 1.10 m. De koeien worden zo’n vijftien jaar oud, de stieren tussen de twaalf en veertien.(1)
(1) Het wonder van de wilde Chillingham, Levende Have februari 2012.

Terug naar:

Bezoek ook onze Boekenpagina, klik hier