Landelijk kennisnetwerk van houders van boerderijdieren

Botulisme bij runderen

Bij botulisme denken we meestal aan watervogels, maar ook koeien kunnen besmet raken met de bacterie Clostridium botulinum. Deze kiem komt wereldwijd voor in de grond en in organisch materiaal, zoals in afgestorven plantenresten of in het slechtste geval, in het ruwvoeder voor onze dieren. Runderen kunnen de kiem ook binnenkrijgen via het drinkwater.

De bacterie produceert gifstoffen. Er zijn meerdere gifstoffen van Clostridium botulinum bekend en ze worden aangeduid met de letters A tot en met G. Ze veroorzaken vaak neurologische verschijnselen, zoals verlamming. De gifstoffen van Clostridium botulinum behoren tot de meest krachtige toxines in de natuur en worden daarom ook gevreesd als een mogelijk middel in biologische oorlogsvoering.

Koeien met botulisme zijn te herkennen aan een slappe staart, de komen moeilijk overeind, lopen stijf, eten slecht en sterven uiteindelijk. Er zijn gevallen bekend waarin grote aantallen koeien zijn gestorven na besmetting.

Belangrijke tip: laat je weiland niet bemesten met pluimveemest. Het is de grootste besmettingsbron voor botulisme bij runderen. Dat komt doordat pluimveemest vaak resten bevat van dode kippen.
Andere besmettingsroute is het voeren van ruwvoer waarin zich resten van kadavers bevinden, van een haas, reekalf, eend of gans. Vooral in warme zomers kunnen zich op deze kadavers al vrij snel bacteriën ontwikkelen die toxinen produceren.
De werkbreedte van maaiers, schudders en harken is zodanig toegenomen dat het veel lastiger is om een kadaver te ontdekken bij de grasoogst. Vervolgens zorgt een voedermengwagen er dan weer voor dat ieder dier toxinen opneemt. Dat kan resulteren in een massale sterfte in een koeienstal.
Daarom is het zo belangrijk om voordat een perceel wordt gemaaid, het grasland nauwkeurig te inspecteren op de aanwezigheid van kadavers.

Er is geen behandeling mogelijk tegen botulisme. 

Terug naar: