Landelijk kennisnetwerk van houders van boerderijdieren

Hoefbevangenheid bij paarden

Hoefbevangenheid of laminitis is een vrij veel voorkomende aandoening bij paarden, pony’s en ezels. Vooral pony’s en paarden van sobere rassen zijn gevoelig.

Het hoefbeen van een paard is met de hoefschoen verbonden door de hoeflederhuid. Wanneer deze verbinding is aangetast, spreken we van hoefbevangenheid. Bij chronische hoefbevangenheid kantelt het hoefbeen of zakt het naar de zool.

In alle gevallen lijdt het dier hevige pijn. De voorbenen worden het vaakst aangetast, maar alleen de achterbenen of alle vier de benen tegelijk komt ook voor. Bij hoefbevangenheid zie je de typische stand waarbij het dier de achterbenen onder het lichaam en de voorbenen naar voren plaatst om de druk zoveel mogelijk te verlagen. De hoeven zijn warmer dan normaal en soms is het ‘kloppen’ van de bloedvaten in de kootholte duidelijk te voelen. In geval van chronische hoefbevangenheid zijn vaak  ‘groeiringen’ in de hoef te herkennen.

Of een paard geneest van hoefbevangenheid hangt af van het succes van de behandeling in het acute stadium. Bij milde symptomen kan een paard vaak nog prima functioneren, maar is het risico op terugkeer van de aandoening vrij groot. Bij ernstige symptomen kan het zelfs zo zijn dat het laten ‘inslapen’ van het paard de enige resterende mogelijkheid is. Bij vroegtijdig inschakelen van de dierenarts kan deze, al of niet in samenwerking met een hoefsmid, veel ellende voorkomen en de aandoening goeddeels genezen.

Voeding
Voeding speelt een rol bij het optreden van hoefbevangenheid. Plotselinge  veranderingen in het voer kunnen de stofwisseling verstoren. Een hoog aanbod aan makkelijk opneembare koolhydraten (suikers) en zetmeel in de voeding is gevaarlijk. Paarden kunnen teveel suikers binnen krijgen via krachtvoer, maar ook via gras en hooi. Zie hierover de wiki Krachtvoer en hoefbevangenheid bij paarden .

Ook paarden die altijd in de wei staan en paarden die alleen op hooi leven, kunnen last krijgen van hoefbevangenheid. Paarden en pony's die eerder last hebben gehad van insulineresistentie of het Equine Metabool Sydroom (EMS) lopen een verhoogd risico. In het voorjaar zijn de risico's het grootst, vooral als de nachten koud zijn. Dan hopen de suikers zich op in het gras. Laat paarden die gevoelig zijn voor hoefbevangenheid in het voorjaar pas in de middag in de wei grazen.

Overgewicht
Ook overgewicht speelt een belangrijke rol. Overgewicht is geen directe oorzaak van hoefbevangenheid, maar het is wel zo dat een paard met overgewicht veel meer kans heeft op de aandoening. Er kunnen suikerziekteachtige verschijnselen optreden, die op zichzelf ook weer bijdragen aan het ontstaan van hoefbevangenheid. Paarden en pony's met insulineresistentie produceren teveel insuline na consumptie van koolhydraten, waardoor ze na verloop van tijd hoefbevangen kunnen worden. 
Daarnaast zijn er nog veel andere factoren die direct aanleiding kunnen zijn voor het ontstaan van hoefbevangenheid, zoals te snelle voerovergangen, darmziekten, andere infectieziekten en baarmoederontsteking. Factoren die de gevoeligheid verhogen zijn bijvoorbeeld gebrek aan beweging, onregelmatige inspanningen en stress.

Bewegen is belangrijk
Vroeger werden hoefbevangen paarden standaard op stal gezet. Ook nu gebeurt dit nog vaak, omdat men een hoefbevangen paard niet in een malse en daarmee voor het dier gevaarlijke wei wil zetten. Het op stal staan bevordert de genezing echter niet, weten we inmiddels. De beste manier om opgebouwde suikers te verbranden is namelijk via beweging. Zet hoefbevangen dieren dus liever in een paddock of in een stal met vrije, grasloze uitloop. Als de gezondheid van het paard het toelaat, is een beetje (grond)werk met het paard ook heel goed. Paardenhouders melden een positief effect van hoefschoenen bij hoefbevangenheid. Deze schoenen zouden de pijn bij lopen verzachten.

Onderzoek heeft aangetoond dat vermindering van weidegang ter preventie van hoefbevangenheid niet erg effectief is. Paarden compenseren dit door in de periode dat ze wel in de wei staan, meer te grazen. (Changes in proportions of dry matter intakes by ponies with access to pasture and haylage for 3 and 20 hours per day respectively for six weeks.  J. Ince,A. Longland,C. J. Newbold,P. Harris).

Helft van de hoefbevangen paarden heeft PPID
Onderzoek heeft aangetoond dat ongeveer de helft van de hoefbevangen paarden PPID heeft. PPID heette vroeger ziekte van Cushing. Paarden met hormoonafwijkingen, zoals PPID en insulineresistentie, hebben een verhoogd risico op het ontwikkelen van deze hoefbevangenheid als gevolg van het eten van suikerrijk gras en krachtvoer.
Gerelateerde onderwerpen:

Terug naar:

Bezoek ook onze Boekenpagina, klik hier