Landelijk kennisnetwerk van houders van boerderijdieren

Afrikaanse paardenpest

Afrikaanse paardenpest is een infectieuze ziekte veroorzaakt door het Afrikaanse paardenpest virus. APP is een vectorgebonden ziekte en kan niet zomaar van het ene dier op het andere dier worden overgebracht. Contact tussen een besmet dier en een onbesmet dier is niet genoeg om de ziekte over te brengen. Ook indirect contact via bijvoorbeeld mensen of borstels is geen gevaar voor besmetting.

Knutten
Voor het overbrengen van de ziekte is een vector nodig. Bij APP is de belangrijkste vector een klein insect, de knut (deze wordt ook wel Culicoides genoemd, dat is de latijnse naam). De knut wordt ook wel de biologische vector van APP genoemd. Overbrengen van het virus is bijvoorbeeld ook mogelijk door gebruik van een besmette naald bij een niet besmet dier. De naald is dan een mechanische vector.

Paardachtigen
De ziekte wordt ook wel gewoon paardenpest genoemd. In het engels is de officiële naam African Horse sickness. Alle dieren die behoren tot de paardachtigen kunnen de ziekte krijgen, dus paarden, pony’s, ezels, muilezels, muildieren en zebra’s. Daarnaast kunnen ook honden besmet worden, maar alleen door het eten van vlees van besmette dieren. Mensen worden niet besmet met het virus en de ziekte is dus ongevaarlijk voor de mens.

Aangifteplichtige ziekte
APP is een aangifteplichtige en bestrijdingsplichtige ziekte. Aangifteplichtig betekent dat de eigenaar/houder en dierenarts van een paard verplicht zijn om bij de overheid te melden als een paard klinische verschijnselen heeft die kunnen wijzen op APP.

RNA-virus
Het APP virus is een RNA virus dat behoort tot de familie van de reovirussen en tot het geslacht van de orbivirussen. Het virus is onder andere nauw verwant aan het Bluetonguevirus. Er zijn 9 verschillende serotypen van het virus bekend.

Afrika, Spanje, Portugal
De ziekte komt endemisch voor in grote delen van tropisch en sub-tropisch Afrika. De Sahara woestijn vormt een barrière voor verdere verspreiding van de ziekte. Boven de Sahara komt de ziekte niet endemisch voor. Wel komen er buiten de endemische gebieden onder de Sahara af en toe uitbraken voor. De meest recente uitbraken waren in Portugal en Spanje, eind jaren ’80. Er zijn nog nooit uitbraken noordelijker dan Spanje en Portugal geweest.

Serotypen
In het zuiden van Afrika komen alle serotypen, behalve serotype 9, van het virus veel voor. Serotype 9 komt juist weer veel voor in het noorden en westen van Afrika. Buiten Afrika hebben serotypen 3, 4 en 9 voor uitbraken gezorgd.

Verspreiding en overleving
De verspreiding en overleving van APP is afhankelijk van het aantal gevoelige dieren (paardenachtigen), het aantal besmette dieren en de aanwezigheid van voldoende geschikte vectoren (knutten). De hoeveelheid knutten is o.a. afhankelijk van de temperatuur. Daarnaast moet de temperatuur ook voldoende hoog zijn voor het virus om in de knut te kunnen vermeerderen. In theorie kan een uitbraak in Nederland door de winter stoppen. Bij een lage temperatuur zijn de knutten niet of veel minder actief en is er geen virusvermeerdering in de knut. Hierdoor is er in principe geen verspreiding van het virus meer mogelijk. De langste periode waarvan aangetoond is dat het virus in een dier overleefde is 40 dagen. Als de koude periode, waarin de knutten niet actief zijn langer dan die 40 dagen duurt, dan zou de uitbraak kunnen stoppen. Er zijn echter verschillende mogelijkheden waarop het virus toch zou kunnen overleven in de winter. Een theorie is dat het virus in leven kan blijven in knutten die de winter overleven, of dat het virus in de eitjes van de knut de winter overleeft. Bij Bluetongue hebben we gezien dat het virus in Nederland kan overwinteren, dus voor APP is die kans er zeker ook. In Nederland komt APP vooralsnog niet voor.

Insleep
Er zijn verschillende manieren waarop APP in Nederland zou kunnen komen. Importeren van besmette paardachtigen is de meest waarschijnlijke insleeproute. De ziekte zou ook binnen kunnen komen met besmette knutten. Verder kan de import van levende producten (eicellen, embryo’s en sperma) een insleeproute zijn of het gebruik van een vervuild vaccin. Of het tot spreiding van het virus komt hangt af van factoren als knuttenactiviteit, dichtheid van paarden in een gebied en temperatuur.
Insleep via knutten zou kunnen doordat besmette knutten over grote afstanden (honderden kilometers) met de wind meegenomen worden. Ook is denkbaar dat besmette knutten door transport van ongevoelige dieren, zoals runderen, meekomen. Als dieren volgens de regels worden geïmporteerd is de kans op insleep via een besmet dier zeer klein. Paarden mogen bijvoorbeeld niet worden geïmporteerd uit gebieden waar paardenpest voorkomt en voor import van paarden uit bepaalde risicogebieden zijn aanvullende testen verplicht. Om dezelfde reden zijn er ook regels voor de import van paardensperma en embryo’s. De kans om met deze levende producten van paarden het virus in te slepen is erg klein. Kans op insleep via een vervuild vaccin is zeer klein, omdat er in een land dat vrij is van de ziekte niet gevaccineerd mag worden tegen APP.

Verloop van infectie
Na infectie door een knuttenbeet, vermeerdert het virus zich eerst in de dichtbij gelegen lymfeknoop. Vervolgens verspreidt het virus zich via het bloed door het lichaam, waarna voornamelijk de longen, de milt, weefsels van het afweersysteem en cellen in de bloedvatwanden geïnfecteerd worden. Hoe lang het virus in het bloed blijft (viraemie) verschilt per geval, maar bij paarden gemiddeld 9 dagen. Bij ezels en zebra’s duurt de viraemie meestal langer. De langste viraemie is aangetoond in zebra’s en duurde tot 40 dagen.

Vormen van Afrikaanse paardenpest
APP kan in vier verschillende vormen voorkomen, de hartvorm, de longvorm, de gemengde vorm en de koortsvorm. Paarden en muildieren zijn het meest gevoelig voor het virus en krijgen ook de ernstigste symptomen. Afhankelijk van de vorm die ze ontwikkelen gaat 50 tot 95 % van de besmette paarden en muildieren dood. Ezels worden veel minder ziek en zebra’s hebben vaak helemaal geen symptomen als ze besmet zijn. Van de ezels gaat 5 tot 10 % van de besmette dieren dood en zebra’s gaan niet dood aan de ziekte. De incubatieperiode (de tijd tussen besmetting en het optreden van de eerste ziektesymptomen) varieert van 2 tot 10 dagen en is gemiddeld 5-7dagen bij paarden.
De hartvorm, de longvorm en de gemengde vorm komen het meest voor in een populatie waar de ziekte nog nooit is voorgekomen. De koortsvorm, de minst ernstige vorm, komt eigenlijk alleen voor in populaties waar de ziekte al langer voorkomt en bij muildieren en ezels. In Nederland zullen bij een uitbraak de besmette paarden naar verwachting één van de drie ernstige vormen (hart-, long- of gemengde vorm) krijgen.

De longvorm
Deze vorm begint meestal met acute koorts en vervolgens problemen met de ademhaling. Symptomen zijn o.a. snel ademhalen, geforceerd ademhalen, zweten, hoesten. De benauwdheid verergert snel en de meeste dieren sterven binnen enkele uren.

De hartvorm
Deze vorm begint met koorts die 3 tot 6 dagen aanhoudt. Hierna krijgt het dier vochtophopingen (oedeem) in de kuiltjes boven de ogen en in de oogleden. Later kunnen de vochtophopingen zich verspreiden en zwelt het hele hoofd op. Opvallend is dat er juist geen vochtophoping in de benen optreedt. De dieren gaan uiteindelijk vaak dood aan hartfalen. Van de paarden die de hartvorm hebben gaat 50 % dood.

De gemengde vorm
Deze vorm is een combinatie van de longvorm en de hartvorm. Meestal begint het met de hartvorm, waarna de longvorm volgt. Vaak wordt de diagnose van de gemende vorm pas bij sectie vastgesteld. Van de paarden die besmet zijn en de gemengde vorm krijgen gaat 70 % dood.

De koortsvorm
Deze vorm heeft milde verschijnselen. Het dier heeft zo’n 3 tot 8 dagen koorts. Verder kan de eetlust weg zijn en is er licht oedeem in de kuiltjes boven de ogen. Dieren die deze vorm hebben herstellen
veelal.

Bestrijding: euthanaseren van besmette dieren
Indien een uitbraak van APP bevestigd wordt, moeten besmette paarden of paarden die klinische symptomen van APP (gaan) vertonen geëuthanaseerd worden. Er worden geen dieren preventief geëuthanaseerd. Dieren worden alleen geëuthanaseerd als uit onderzoek blijkt dat ze besmet zijn. Of als ze klinische symptomen van APP (gaan) vertonen, nadat er een besmetting in Nederland is bevestigd.
De dieren moeten geëuthanaseerd worden om te voorkomen dat de knutten zich met het virus kunnen besmetten. Omdat een groot deel van besmette paarden zeer ernstig ziek wordt, is het ook vanuit dierenwelzijnsoogpunt wenselijk om besmette paarden in te laten slapen.
Daarnaast is er slechts een kleine kans dat besmette paarden de ziekte overleven, omdat er geen behandeling mogelijk is. Ezels kunnen beter tegen het virus en zullen minder ziek worden. Maar ook besmette ezels zullen geëuthanaseerd moeten worden, omdat ze een besmettingsgevaar vormen.

Vaccinatie
Er zijn twee soorten vaccinatie. Preventieve vaccinatie en noodvaccinatie. Bij preventieve vaccinatie worden dieren volgens een bepaald schema gevaccineerd, waardoor er eigenlijk altijd een bescherming is tegen de ziekte. Deze vorm van vaccinatie wordt meestal ingezet om een ziekte die voorkomt uit te roeien of bij een ziekte waarvan een grote kans op besmetting is en zo uitbraken te voorkomen.

Noodvaccinatie wordt alleen ingezet als er een uitbraak is van een bepaalde ziekte en met de vaccinatie wordt dan geprobeerd de uitbraak te stoppen. Noodvaccinatie wordt gebruikt voor ziekten waarbij de kans op een uitbraak klein is. Ook voor ziekten waarvan veel verschillende typen zijn wordt noodvaccinatie ingezet. Voor mond- en klauwzeer bijvoorbeeld is het in de praktijk onmogelijk om alle gevoelige dieren tegen alle voorkomende serotypen te vaccineren. Wat hierin ook meespeelt zijn de kosten. Continu vaccineren van dieren tegen een ziekte waarvan de kans op voorkomen klein is, is veel kostbaarder dan vaccineren wanneer het nodig is.

Vaccinatie en regelgeving
Daarnaast is vaccineren gebonden aan regelgeving. Tegen bepaalde ziekten mag niet preventief gevaccineerd worden. De reden hiervoor is dat bij preventief vaccineren het gevaar bestaat dat de ziekteverwekker wel voorkomt, maar de dieren geen symptomen laten zien. Dit kan problemen geven omdat landen elkaar dan geen betrouwbare garanties kunnen bieden.
Voor APP geldt dat het op basis van Europese regelgeving vooralsnog verboden is preventief te vaccineren. Aan preventief vaccineren kl;even bovendien nadelen. Ten eerste is de kans op een uitbraak erg klein en weegt het continu vaccineren van alle paarden niet op tegen de kleine kans op een uitbraak van APP. Ten tweede is er nog geen geschikt vaccin beschikbaar voor preventieve vaccinatie.
Noodvaccinatie bij een uitbraak is overigens op basis van Europese regelgeving (de bestrijdingsrichtlijn) verplicht.

Vaccins uit Zuid Afrika
Er zijn een paar bedrijven die vaccin tegen paardenpest fabriceren. Eén bedrijf, in Zuid-Afrika, kan op relatief grote schaal vaccins produceren en verkoopt deze ook commercieel. Bij de uitbraken in Spanje en Portugal is ook gebruik gemaakt van deze vaccins. In Europa zijn nog geen vaccins tegen paardenpest geregistreerd. Het is in Europa niet toegestaan om niet geregistreerde vaccins toe te dienen. De Europese regelgeving geeft echter wel de mogelijkheid om in noodgevallen niet geregistreerd vaccins toe te passen. De Europese Commissie moet testemming geven.
Het vaccin dat in Zuid Afrika gefabriceerd wordt, is een zogenaamd levend verzwakt vaccin. 

In de landen waar het vaccin gebruikt wordt zijn soms ziekteverschijnselen te zien bij paarden die gevaccineerd zijn. De fabrikant geeft aan dat de dieren tussen dag 7 en dag 14 na vaccinatie een lichte reactie kunnen laten zien. Dieren mogen de eerste 3 weken na vaccinatie niet (zwaar) belast worden.
Van het vaccin is bekend dat het bij drachtige merries schade aan het veulen kan geven of abortus kan veroorzaken. Over de effectiviteit van het beschikbare APP vaccin is weinig bekend. De fabrikant geeft aan dat het vaccin na 3-4 weken immuniteit geeft. Positieve punten zijn dat het vaccin zeer veel gebruikt wordt in Zuid Afrika en daar de paarden in een endemische situatie goed beschermt. Het vaccin is ook in een uitbraak situatie (epidemie) in Spanje en Portugal gebruikt, waar het ook effectief is gebleken. Aan de andere kant is ook gebleken dat bij een deel van de gevaccineerde paarden niet voldoende antilichamen werden gevonden na vaccinatie. Deze dieren bleken in een experiment toch beschermd tegen kunstmatige besmetting.

Ontwikkeling van veilig vaccin in Lelystad
Wetenschappers verbonden aan het Centraal Veterinair Intsituut in Lelystad zijn erin geslaagd het virus dat Afrikaanse paardenpest veroorzaakt te ontrafelen en er een levend verzwakte, volledig veilige variant van te maken. Deze variant is bruikbaar voor de ontwikkeling van een vaccin dat paarden wel beschermt, maar het vaccinvirus kan niet verspreid worden door knutten. Het wachten is op een bedrijf dat het vaccin wil testen en vervolgens wil laten registreren, waarna het in productie kan worden genomen. Zie interview met Piet van Rijn over vaccin Afrikaanse Paardenpest in bijlage. 

Vaccinatiestrategie
In het gebied dat gevaccineerd gaat worden zullen alle paardachtigen gevaccineerd worden. Dus paarden, pony’s, ezels, muilezels, muildieren en zebra’s. Verder worden dieren van alle leeftijden gevaccineerd. Alleen veulens van gevaccineerde moederdieren kunnen niet gevaccineerd worden tot een leeftijd van 6 maanden. Dit in verband met de maternale immuniteit. Zoals hierboven aangegeven kan het vaccin schadelijk zijn voor het ongeboren veulen. Echter niet vaccineren van drachtige merries brengt het risico mee op besmetting van de merrie, waardoor zowel merrie als veulen dood zullen gaan. Daarom worden ook drachtige merries gewoon gevaccineerd.

Bovenstaande tekst is gebaseerd op een conceptbeleidsdraaiboek van het ministerie van Economische Zaken. Een groep van deskundigen heeft eind 2008 een advies opgesteld waarin de overheid wordt gevraagd het draaiboek op een aantal wezenlijke onderdelen te herzien (zie bijlage). Het wachten is nog altijd op een herziene versie van het draaiboek.

Gerelateerd artikel:

Terug naar:

Aanbevolen door Levende Have

Bezoek ook onze Boekenpagina, klik hier