Landelijk kennisnetwerk van houders van boerderijdieren

Ezels soort en geschiedenis

Twee ezels

Ezels zijn in het Neolithicum gedomesticeerd. Vierduizend jaar geleden verschenen ze voor het eerst in Spanje en Italie. De Romeinen verspreidden de ezels in het noorden en oosten van Europa.
Wilde ezels bewoonden aanvankelijk geheel Noord-Afrika, maar zijn in de 21-ste eeuw alleen nog te vinden in het noordoosten van dit werelddeel. Ze worden hoofdzakelijk gehouden als lastdier. In slechts weinig Europese landen worden ze gehouden voor het vlees. Berucht zijn echter de salamitransporten van het overschot aan ezels naar slachterijen in Italie en Spanje. 

Van de wilde ezels bestaan er twee ondersoorten: de Nubische ezel (Equus africanus,africanus) met een schofthoogte van 1.20 meter en de Somali ezel (Equus africabus somalicus) met een schofthoogte van 1.40 meter.
De tamme ezel (Equus asinus) stamt in hoofdzaak af van de Nubische ezel. Tamme ezels verschillen in kleur en grootte. De kleur varieert van grijs, bruin tot zwart.
In 24 Europese landen zijn 58 rassen of variaties daarvan aangetroffen. Het aantal ezels neemt in Europa in rap tempo af. In Griekenland is het aantal in vijftig jaar tijd met 98 procent afgenomen. De meeste ezelrassen worden nog aangetroffen in Frankrijk, Italie en Spanje. Van deze rassen zijn nog enkele honderden dieren over, waarmee de ezels volgens de FAO begrippen tot de bedreigde dieren behoren.

Heb je zelf ezels en heb je hier een vraag over? Stel ze in de vraagbaak

Gerelateerde onderwerpen:


Terug naar: