Landelijk kennisnetwerk van houders van boerderijdieren

Ouessantschaap is meer dan alleen maar klein

Ingediend door jinke op 30 augustus 2007 - 11:51

Levende Have, februari 2007
door Marc van der Sterren

Sterk schapenras: rustig en gemakkelijk tam te krijgen ‘Ouessantschaap is meer dan alleen maar klein’ Geen schaap zo gemakkelijk in de omgang en verzorging als het Ouessantschaap. Koen Dieker in Gaanderen houdt een hele kudde, maar niet alleen voor het gemak. Hij blijft opletten. De belangrijkste eigenschap is het kleine formaat. ‘’Maar te klein is ook niet goed’’.

“Ik wil de mooiste Ouessantkudde van Nederland fokken”, zegt Koen Dieker van Stal de Watermolen in Gaanderen. “Maar schrijf dat maar niet op.” Het is alleen om aan te geven dat Dieker de lat erg hoog legt, als het om het fokken van Ouessantschapen gaat. En dat hij doelgericht te werk gaat. Voor de leek is hij al een heel eind op weg. In een ruim weiland lopen de kleine schaapjes er prachtig bij. Maar ook een kenner zal onder de indruk zijn van de veestapel van Dieker. De dieren voldoen vrijwel allemaal aan de rasstandaard. Alle dieren zijn klasse A of AB geclassificeerd (zie kader fokkersvereniging). “Maar ik heb altijd wel wat aan te merken. Een dier is bij mij nooit perfect.” De schapenhouder gaat dan ook rigoureus te werk. Is een lam in verhouding al te groot, of heeft het een te dikke kop, dan schrapt hij hem uit het programma.

Fokken is een nauwkeurige aangelegenheid. De fokker dient alle raseigenschappen in het oog te houden, maar ook rekening te houden met de omstandigheden. “Stel, een ooi is al tamelijk oud en heeft een slecht gebit. Het lam zal daardoor ook kleiner zijn, omdat het minder melk kan drinken.” Die afwijkende afmetingen hebben in dat geval niks te maken met erfelijkheid. En zelfs als je overal rekening mee houdt, dan nog is het nageslacht een verrassing. “Fokken blijft voor een deel gokken”, zegt Dieker.

Geitjes
De kudde heeft hij sinds 1988 opgebouwd. In dat jaar kwam hij op de oude watermolen wonen. Een rustieke woning naast een fundering van wat ooit de watermolen was. Als zoon van een melkveehouder wilde hij graag wat beestjes houden, het geitenweitje kwam dan ook goed van pas. Maar geitjes, dat is nou net niet het soort dier dat hem trekt. Dus werden het schapen. Het verbaast hem zelf. “Eigenlijk had ik ook niks met schapen. Vroeger hielden we voor de hobby bijna alle dieren, van konijnen tot ganzen… Maar schapen hebben we nooit gehad. En ik had er ook niks mee.” Maar de Ouessant is toch wel iets bijzonders. “Ze zijn erg mooi, heel makkelijk, staan dicht bij de natuur, worden eigenlijk nooit ziek… Ze zijn echt super.”

Kiezen
Hij begon met een ram en een ooitje, later kwam er nog een ooitje bij. Later werden het er vijftig, nu, voor het lammeren, zijn het er nog veertig. “Eigenlijk te veel voor een hobby”, geeft hij toe. Maar het valt niet mee een kudde klein te houden. “Als het moeilijk kiezen is tussen twee lammeren en je houdt ze allebei aan, heb je er weer een schaap bij. En kun je vijf keer niet kiezen, dan heb je ineens vijf schapen extra.” Gelukkig voor Dieker krijgt dit ras jaarlijks maar één lam. Ouessanten zijn alleen bronstig tussen oktober en eind januari, zodat de ram het hele jaar bij de ooi kan blijven. Ontwormen is noodzakelijk, hoe vaak is afhankelijk van de veebezetting. Hoe minder grond de dieren ter beschikking hebben, hoe vaker ze ontwormd dienen te worden. Dieker ontwormt de dieren vier keer per jaar. In het lammerseizoen neemt hij de pillenschieter mee de wei in. “Het aflammeren gebeurt bijna altijd vanzelf. Ik hoef alleen maar te tellen”, zegt Dieker. Hij kijkt of het lam een ram of een ooi is en noteert wie de vader en moeder is. “De ooi blijft in het begin bij het pasgeboren lam, dus kan ik ze gemakkelijk ontwormen.” In vier weken tijd hebben alle schapen gelammerd. “Bij mij lammeren ze altijd wat aan de late kant, zo vanaf half april, dan is het gras al weer wat gegroeid.” In april is het bovendien al een stuk lichter, zodat de dieren gemakkelijker te controleren zijn. De andere drie ontwormingen krijgen de dieren vloeibaar toegediend. De tweede keer met scheren, ergens in juni. “Dan heb ik ze toch bij elkaar en kijk ik meteen de klauwtjes even na.” Veel hoeft daar niet aan te gebeuren. “Ik hou ze gewoon vlak.” Eind augustus en vlak voor de winter worden ze nogmaals ontwormd. “Ik gebruik altijd een ander middel, om resistentie te voorkomen.”

Hoogbenig
En elke keer, bij elke handeling, beoordeelt de fokker zijn schapen en bepaalt hij of de dieren voldoen aan de raseigenschappen. Om de hoogte te meten heeft hij een eigen meetinstrument ontworpen. Want de geringe hoogte is wellicht de belangrijkste eigenschap van het ras. De rasbeschrijving hanteert geen minimum hoogte, toch is er volgens Dieker wel degelijk een grens. Ik wil niet van die gedrongen worstjes op pootjes”, zegt de fokker. “Juist die kleinste dieren krijgen geboorteproblemen.”Klein is belangrijk’’, vindt Dieker, “maar de Ouessant is meer dan alleen maar klein. Het blijft een hoogbenig dier.”

Tip 1
De meeste Ouessantschapen hebben, net als geiten, twee lellen onder de kin. Vanwege de wol zijn deze onzichtbaar. Let hierop bij het scheren.
Tip 2
Laat u bij aankoop van een Ouessantschaap niet verleiden door de vermelding ‘met stamboekpapieren’, dit zegt immers niets over de mate waarin het dier voldoet aan de rasstandaard. Wanneer de rasstandaard er voor uw hobby niet toe doet, hoeft een dier slechts een paar tientjes te kosten. Wilt u echter dieren die aan de raseigenschappen voldoen, informeer dan bij de fokkersvereniging en laat u door meerdere fokkers adviseren. Een ooitje met een A-classificatie kan wel € 80 tot € 90 kosten, een bewezen dekram gaat soms voor meer dan € 100 van de hand.

Rasbeschrijving
Kop: fijn en regelmatig, met horens bij de ram. Het voorhoofd en het neusbeen vormen een doorlopende lijn. Rammen hebben een licht gebogen neusbeen.
Oog: iets uitpuilend, glinsterend en met een levendige blik.
Oor: fijn, kort, beweeglijk, hebben de neiging rechtop te staan.
Hoorn: driehoekig van doorsnee. Sterk gekruld in een spiraal met een grote doorsnede en een goede afstand van de kop. Donker voor zwarte en bruine schapen, licht voor witte schapen.
Ledematen: fijn, van gemiddelde lengte, goed evenwicht en goed uitgebalanceerd.
Hoeven: donker bij zwarte en bruine schapen en licht bij witte schapen. Maximale schofthoogte: volwassen rammen 49 cm, volwassen ooien 46 cm.
Kleur: uniform zwart, bruin, wit of schimmel. Bij witte dieren is de huid rood, waardoor er een licht roodachtige gloed ontstaat. De pigmentatie moet over de gehele vacht gelijkmatig zijn.
Wol: zeer zacht en soepel. De vacht bedekt de kruin, een deel van de wangen, de romp tot minstens aan de knieën. De wol weegt bij rammen gemiddeld 4,5 procent van het totaalgewicht van het schaap, bij ooien 4 procent. Voor een volledige rasbeschrijving zie www.ouessant.nl

Ouessant bijna nooit ziek
Ouessant is een Frans eiland in het Kanaal van 15,6 vierkante kilometer groot. Een eiland met een bar klimaat. Veel wind en regen, weinig beschutting van bomen. Op de schrale grond tussen de rotsen groeit weinig gras. Het schaap dat naar dit eiland is vernoemd, wist zich wonderwel aan te passen aan deze omstandigheden. Het krijgt slechts één lam per jaar. En het is klein. Het verhaal gaat dat een arts en een tandarts uit Gelderland de eerste dieren in 1972 mee naar Nederland namen. Gewoon in de kofferbak. Een ander verhaal doet de ronde over vakantiegangers, die elk jaar enkele dieren uit Frankrijk of België mee naar Nederland namen. Hoe dan ook, nog steeds profiteren hobbyhouders van de sobere eigenschappen van het dier. Het is het kleinste schaap ter wereld en misschien ook wel het gemakkelijkste. Ouessantschapen zijn erg rustig en worden gemakkelijk tam. Gras, een emmer water en eventueel een liksteen of mineralenblok, meer heeft een Ouessant niet nodig. Het is pas noodzakelijk de dieren bij te voeren wanneer het gras op raakt. Wat hooi, wat pulpbrokken of wat schapenbrok. Maar zeker niet te veel. Dan zouden de dieren maar vervetten. Ziekten komen verder nauwelijks voor. Scrapie en zwoegerziekte zijn nooit vastgesteld. Ook myiasis is bij de Ouessant een zeldzame aandoening, vanwege de structuur van de wol. Onder de wol bevindt zich nog een laag ‘onderwol’, waar vliegen niet graag inkruipen. Alleen bij extreem vochtig en warm weer kan myiasis de kop opsteken. Vanwege deze woleigenschappen dienen Ouessants niet te vroeg geschoren te worden. Pas wanneer de wol enigszins vanzelf loslaat, meestal ergens in juni, zijn de dieren er aan toe.

Gebit
Problemen zijn er nogal eens met het gebit, vooral bij de oudere dieren vanaf acht jaar. Wanneer de kiezen ongelijk slijten, vormen zich haken op de tanden, wat kauwen pijnlijk en soms onmogelijk maakt, met vermagering en in het uiterste geval zelfs verhongering tot gevolg. De duidelijkste symptomen van dit gebrek zijn kwijlen en het uitbraken van herkauwresten. Oorzaak van de gebitsafwijkingen ligt bij de fokkerij. Er wordt te weinig op deze problemen gelet. Ad Oost en Henk Slaghuis van de fokadviescommissie adviseren Ouessantfokkers het gebit van alle lammeren en ook de rammen en ooien jaarlijks te beoordelen en dieren die in negatieve zin afwijken, buiten de fokkerij te houden. Selecteer dieren met snoekbek (te lange onderkaak) of varkensbek (te korte onderkaak) en liefst ook hun ouders uit. Nog een belangrijk advies: hou dieren ouder dan zes jaar met een gaaf gebit zo lang mogelijk in de fokkerij. De Fokkersvereniging Ouessantschapen (ruim vijfhonderd leden) is de eerste vereniging die ontheffing kreeg voor kleine oormerken, gezien het geringe formaat van de oren. Later volgden andere organisaties voor geiten- en schapenfokkers. De vereniging werd 1987 opgericht om dieren voor de fokkerij te registreren. Alles wat enigszins op een Ouessant leek, werd ingeschreven. De vereniging kent daarom relatief veel ingeschreven dieren, een dier met stamboekpapieren hoeft echter niet aan alle raseigenschappen te voldoen. Twee keer per jaar zijn er bespreekdagen waar de dieren worden geclassificeerd. Een dier met klasse A is uitmuntend, AB is zeer goed. Klasse C is onvoldoende om mee verder te fokken.

Verschenen in

Aanbevolen door Levende Have

Dierenwelzijn, de wet en natuurlijk gedrag
NIEUW! Dierenwelzijn, de wet en natuurlijk gedrag €14,95

Bestellen? Klik hier
Schapen in de weiden van de lage landen
NIEUW! Schapen in de weiden van de lage landen  € 24.90

Bestellen? Klik hier

 

 

 

 

 

 

 

 

Bezoek ook onze Boekenpagina, klik hier