Landelijk kennisnetwerk van houders van boerderijdieren

Onderzoek levert bewijs voor oudste legende over Bergse kraaiers

Ingediend door jinke op 28 maart 2016 - 10:57
Bergse kraaier

Fascinerend is dat de oudste legendes over het ontstaan van dit ras door moderne biologische onderzoeken een veel grotere betekenis hebben gekregen.

Kruistocht van Barbarossa
De oudste legende vertelt over de opkomst van de Bergse kraaiers in de Middeleeuwen. Adolf van Berg, de graaf van het Bergse land, zou op de terugweg van de kruistocht van Keizer Barbarossa in het jaar 1190 in een onherbergzaam land verdwaald zijn geweest. Toen hij na drie dagen door de lange kraai van een haan naar een gehucht geleid werd, kocht hij uit dankbaarheid die haan met een paar hennen en nam die dieren mee naar zijn graafschap. Hier werden die dieren met veel liefde verzorgd en werden vanaf die dag door de heren van Berg beschermd. De monniken uit het Klooster Altenberg zouden het ras daarna over het hele Bergse land verbreid hebben.

Hoewel sagen vaak een kern van waarheid hebben, moet men ze niet al te letterlijk nemen. Het is bekend dat een graaf van Berg, Engelbert I., deelnam aan de kruistocht van Barbarossa, maar hij stierf op de terugweg in 1189 in Servië. Als men echter bedenkt, dat de vader van Engelbert, graaf Adolf II, van de tweede kruistocht (1147-1149) behouden naar huis keerde, kan hier misschien toch de kern van de legende gezocht worden. Een reden om deze legende tot op zeker hoogte serieus te nemen, zijn de berichten over kraaiwedstrijden in de late Middeleeuwen. De grafen van Berg zouden deze wedstrijden georganiseerd hebben. Daarbij waren ze bij de prijzen niet erg zuinig: volgens een oude tekst zou de winnaar eenmaal zelfs een complete boerderij gewonnen hebben.

Bosnische kraaier
Toen in 1987 de Turkse kraaier uit Denizli in Europa bekend werd, kwam er meer belangstelling voor deze oude vertellingen. Er zijn aanwijzingen voor het bestaan van dit ras in Byzantijnse tijd. Op de route naar Jeruzalem zouden wel degelijk langkraairassen voorgekomen zijn. Helaas moest men in dit geval vaststellen dat door de kruising van Bergse kraaiers en Denizlikraaiers de F1-generatie duidelijk slechter kraaide dan hun vaders.
Er is echter een ander ras dat interessant is in dit verband: de Bosnische kraaier, die ook naar de Albaanse stad Berat genoemd wordt. Het verspreidingsgebied van dit ras strekt zich uit van Bosnië over Albanië naar Noord-Griekenland. In het begin van de 20e eeuw werden deze langkraaiers regelmatig beschreven, met een kraaiduur van 20 tot 30 seconden. In 2005 kwamen de eerste dieren vanuit Istanboel naar Duitsland. Deze dieren zouden oorspronkelijk uit Albanië stammen en waren genetisch niet erg homogeen. Ze waren wit, soms gepeld, hadden soms een enkele en soms een rozekam. Hun kraai is, dat blijkt uit verschillende proefkruisingen, compatibel met die van de Bergse kraaier.

Spanje
Een tweede legende, die aan het eind van de 19de eeuw vaak in vakboeken aangehaald werd, noemt Spaanse kippenrassen als oorsprong van de bergkraaiers. Spaanse monniken zouden aan het eind van de 18de eeuw langkraaiende hanen in de richting van Wuppertal gebracht hebben. In de Duitse pluimveeliteratuur van die tijd worden verbanden gezien tussen de Bergse kraaiers en Spaanse rassen, vanwege de trotse houding, de zware eieren en het ontbreken van broedsheid. Het belangrijkste argument tegen deze theorie is eenvoudigweg, dat er in Spanje geen langkraairassen bekend zijn.

Los van de legenden, weten we dat een zijdefabricant uit Barmen (tegenwoordig deel van de stad Wuppertal), in het midden van de 19de eeuw de eerste bergkraaiers tentoonstelde. Aan het begin van de rassenfokkerij bestond nog een grote variatie in de kleur en tekening van Bergse kraaiers. Zo werd vaak over zwarte kraaiers gesproken, die zelfs excellente resultaten bij kraaiwedstrijden bereikten. Ook werden zilverzwarte kraaiers beschreven. Oude Franse pluimveeboeken vermelden bijvoorbeeld "Chanteur des montagnes" die in "doré" (goudkleurig), "argenté" (zilverkleurig) en "noir" (zwart) voorkwamen.

Moleculair genetisch onderzoek
Tussen 2000 en 2002 werden in Duitsland verschillende moleculairgenetische onderzoeken uitgevoerd, die relaties tussen Bergse kraaiers met meerdere Europese - vooral gepelde - rassen liet zien, die oorspronkelijk uit Zuidoost-Europa stamden en waarschijnlijk over Constantinopel en Italië naar West-Europa gekomen zouden zijn. Recentelijk kon met de gekuifde Kosovaarse kraaier, die net zoals de Brabanter een hoorntjeskam heeft, de "missing link" tussen langkraaiers en kuifhoenders gevonden worden. bovendien werd in een museum in Leipzig een meer dan 100 jaar oud preparaat gevonden van een porseleinkleurige, gekuifde kip met dubbele kam. Op het naamplaatje stond: "gekuifde Bergse kraaier". Het is een bewijs te meer om de oorsprong van de Bergse kraaier in Zuidoost-Europa, in het bijzonder in de Balkan, te zoeken.

Met de eerste standaardbeschrijvingen van kippenrassen rond 1900 kwam een probleem aan de orde, dat tot in de huidige tijd te merken is. Het bestaan van een standaard voor het ras zorgde er voor, dat fokkers op tentoonstellingen alleen het uiterlijk beoordeelden en de kraaikwaliteiten op de achtergrond raakten. In deze tijd vonden in het Bergse land ook geen kraaiwedstrijden meer plaats, tot in 1923 deze traditie weer ingevoerd werd. Alleen onderbroken door de twee wereldoorlogen, werden sindsdien jaarlijks op hemelvaartsdag nationale langkraaiwedstrijden georganisieerd.

Bijzonder blijft ook dat de bergkraaiers hoofdzakelijk in twee centra in Duitsland gefokt werden. Ten eerste in het Bergse land en ten tweede in Saksen. Na de bouw van de muur concentreerden de Oost-duitse fokkers zich meer op de kraaikwaliteiten, terwijl in West-Duitsland de uiterlijke tentoonstellingseigenschappen benadrukt werden. Pas kort voor het jaar 2000 werden deze beide populaties weer enigzins met elkaar vermengd. In 2007 werden de "Vereinigung der Züchter bergischer Hühnerrassen" en de "Sonderzuchtgemeinschaft für bergische Kräher" tot de "Vereinigung der Züchter bergischer Hühnerrassen - Kräherzüchtervereinigung seit 1984" samengevoegd.

De kraai
In contrast tot de meeste hoenderrassen is de kraai van de bergkraaier sterk verlengd, wat het ras haar naam gegeven heeft. Andere rassen die deze eigenschap ook hebben zijn: denizlikraaiers (Turkije), kosovaarse kraaiers en bosnische kraaiers (Balkan), koeyoshi, totenko en tomaru (Japan), jurlowkraaiers (Rusland), achal tekkins (Toerkmenistan) en ajam peloengs (West-Java).
De typische kraai van een bergkraaierhaan wordt gecombineerd met de eigenaardigheid, dat de haan tijdens het kaaien zijn kop naar beneden brengt en daarbij een stap naar voren doet. Deze kraaiwijze werd al in 1921 door Prof. Bruno Dürigen geschreven. Interessant is, dat deze beweging ook bij de Braziliaanse nakomelingen van de Bergse kraaiers, de galos músicos, gevonden wordt. De kraai van de bergkraaier eindigt met een "snork", een fluitende toon die ontstaat bij het inademen van lucht na het kraaien. In het ideale geval is de kraai van de Bergse kraaier helder, niet buitengewoon luid, melodieus, diep beginnend, dan hoger wordend en aan het einde weer dieper.
Over de duur van het kraaien in het verleden bestaan verschillende uitspraken, die ten dele tamelijk overdreven schijnen. Zo werd aan het einde van de 19de eeuw zelfs over lengtes van 72 seconden gesproken. Bruno Dürigen, die aan begin van de 20ste eeuw meerdere standaardwerken schreef, sprak echter over een drie maal zo lange kraai als bij andere rassen, wat ongeveer 10 seconden betekent. Een duur van 7 tot maximaal 12 seconden is in de huidige tijd gebruikelijk.
In het verleden kwamen de hanen met de langste kraai vaak van de boerderijen in het Bergse land. Op deze boerderijen werden vaak sinds generaties kraaiers gefokt en meestal werd vooral voor de kraaiwedstrijden geselecteerd en niet voor de tentoonstellingen.
Af en toe komt het voor, dat ook hennen een lange kraai uitstoten, die ook met een snork eindigt, de zogenaamde "hennensnork". Deze hennen worden als buitengewoon waardevol voor de fok beschouwd.

Zie ook wiki Bergse kraaier

(Tekst: Armin Six, vertaald en bewerkt door Leendert Develing)

Bezoek ook onze Boekenpagina, klik hier