Revisie van Schapen van Zon, 26/08/2007 - 3:09pm
Met revisies kunt u de verschillen tussen de versies van uw inzendingen opsporen.
Schapen in de boomgaardSchapen
zijn herkauwende hoefdieren, die behoren tot het geslacht Ovis, waartoe
ook de moeflon en het dikhoornschaap behoren. De in het wild levende
soorten hebben zich vanuit de berglanden in Midden-Azie verspreid over
Zuid-Europa, Noord-Afrika en het westen van Noord-Amerika.
Samen met de geiten behoren de schapen tot de onderfamilie Caprinea van
de familie Holhoornigen of runderachtigen (Bovidae). Schapen hebben in
tegenstelling tot geiten geen stinkklieren en geen sik. Alle Europese
en Aziatische schapen worden door sommige zoölogen beschouwd als
geografische vormen van een enkele soort, de Ovis ammon. Van de meeste
rassen hebben de rammen grote horens, de ooien hebben
meestal kleine of geen horens.
Ooien hebben een draagtijd van 150 dagen en ze werpen gemiddeld een tot
twee lammeren per keer. Er zijn rassen die drie keer per twee jaar
aflammeren. Bij meerdere rassen komen grotere worpen voor. (1)
Schapen zijn circa 7500 v. Chr. gedomesticeerd in het Midden-Oosten. In
Nederland en België verschenen 5000 v. Chr. de eerste schapen ten
tonele. Ze werden en worden nog steeds gehouden voor de wol, het vlees,
de mest en de melk. Daarnaast dienen schapen voor landschapsonderhoud
op dijken en heidevelden. In Nederland komen nog een paar grote kuddes
voor.
Het spreekwoord ‘’Als er een schaap over de dam is, volgen er meer’’
duidt erop dat schapen echte kuddedieren zijn. Hun [[gedrag van
schapen|gedrag]] maakt ze geschikt voor beweiding in grote aantallen.
Hobbyisten hebben gemiddeld zo’n vijftien schapen. Ze houden ze
overwegend voor hun plezier en om het gras kort te houden. Er zijn in
Nederland in totaal circa 450.000 hobbyschapen bij tussen de 15.000 en
30.000 houders. (2)
Schapen zijn makkelijk te houden dieren, hoewel het ene ras meer
problemen heeft met de gezondheid en
voortplanting, dan het andere. Op het
gebied van huisvesting stellen schapen
weinig eisen. Een eenvoudige stal met een weide volstaan. Bekend
bouwwerk is de schaapskooi, waar de schaapskuddes vroeg in het voorjaar
aflammeren. Maar ook een eenvoudige sleepstal of schutstal
biedt schapen voldoende bescherming tegen regen en zonneschijn.
Op het gebied van voeding zijn schapen weinig
veeleisend. Aan gras en hooi hebben de meeste schapen genoeg. Alleen
tegen de tijd dat ze gaan aflammeren, kunnen
ze wel wat schapenbrok gebruiken.
De verzorging van schapen vergt wat meer
tijd. Schapen zijn dieren die dagelijks controle nodig hebben. (3)
Ontwormen, weidemanagement, de wol en de hoeven zijn telkens
terugkerende punten van aandacht en zorg. Schapen zijn net als andere
evenhoevigen ter preventie van allerlei dierziekten onderworpen aan
strenge regelgeving. Een schaap kan de leeftijd van 15 tot 20 jaar
bereiken.
(1) Winkler Prins
(2) Verkenning hobbydierhouderij, L. Treep e.a. 2004
(3) Brochure Myiasis, Levende Have 2007 pdf



.jpg)








