Voeding van alpaca's
Alpaca’s eten voornamelijk gras en hooi. Ze gebruiken hun voedsel
efficiënter dan herkauwers en kunnen daardoor met aanmerkelijk
minder toe dan bijvoorbeeld een schaap.
Een herkauwer eet gemiddeld twee tot 2.2 procent
van z’n lichaamsgewicht (gemeten in droge stof), terwijl een alpaca genoeg
heeft aan 1.8 tot twee procent. Het voedsel legt in een alpaca, net als bij
andere herkauwers, een lang traject af. Bacteriën moeten de vezels (cellulose
en hemicellulose) in gras en hooi afbreken. Deze bacteriën produceren een
enzym, genaamd cellulase, en dit fermenteert de cellulose.
Lange vezels
Gras dat flink heeft kunnen doorgroeien, bevat meer
lange vezels (cellulose en hemicellulose). De temperatuur is eveneens van
invloed: hoe warmer het tijdens de groeiperiode is geweest, hoe meer vezels. De
bacteriën kunnen dan minder goed hun werk doen en de verteerbaarheid van het
hooi neemt af. Via een hooianalyse kan bepaald worden wat de gehalten zijn van de voedingsstoffen, inclusief het calcium en
fosfor gehalte, en welke vezelstructuur het hooi heeft.
Over het algemeen geldt: hoe ‘’groener’’ het gras
toen het werd gehooid, hoe hoger de kwaliteit en hoe lager het gehalte aan vezels
en cellulose. Wie geen gelegenheid heeft een hooianalyse te laten maken, kan
ook zelf het hooi controleren op de aanwezigheid van bloemen en zaden. Hoe meer
bloemen en zaden, hoe rijper het gras, hoe lager de kwaliteit van het hooi.
Granen
Granen zijn door hun rijkdom aan koolhydraten
vooral een energiebron en eigenlijk alleen maar nodig in tijden van dracht
(alleen de laatste vier maanden), in de zoogperiode, ten tijde van extreme kou
en op hoge leeftijd. Granen worden nogal eens gebruikt in voedingssupplementen
(mineralen) en in dat geval kunnen er dagelijks kleine hoeveelheden worden
verstrekt. De alpacahouder doet er goed aan te letten op hoeveel granen zijn
dier langs die weg naar binnen krijgt. Een kopje voor een kwart gevuld met maïskorrels
bijvoorbeeld, is al ruim voldoende.
In het voer van een alpaca moet per kilo
ongeveer 128 gram aan ruwe eiwitten zitten. Als er luzerne hooi wordt gevoerd,
dan zal er aan het ruwe eiwitgehalte ruimschoots worden voldaan. Alpaca fokkers
zijn doorgaans niet zo’n voorstander van luzernehooi. Luzerne bevat weliswaar veel eiwitten en calcium – meer dan wat
een dier nodig heeft - maar met mate gevoerd kan het een welkome aanvulling
zijn op hooi van matige kwaliteit, of als extraatje ten tijde van dracht of
lactatie.
Mineralen
Toevoeging van mineralen kan nodig zijn, als uit de hooianalyse blijkt dat het
standaardvoer onvoldoende van deze stoffen bevat. Voeg nooit op goed geluk maar
wat mineralen toe. Er kunnen vergiftigingen optreden. Aan
de hand van bodemonderzoek kan worden vastgesteld welke toevoegingen eventueel
nodig zijn. Vooral met selenium is het oppassen geblazen. Deze stof kan zich
langzaam opbouwen in het lichaam en de mineralenbalans in het lichaam
verstoren. Er wordt wel beweerd dat alpaca’s geen zoutblok nodig hebben. Het zout kan los worden verstrekt in een dispenser. Rode
zou/mineralenblokken zijn minder geschikt. Er zit ijzeroxide in en
dat kan zich verbinden met andere mineralen. (1)
Terug naar:
(1) Basics
of alpaca nutrition, dr. Nancy. A. Irlback, University
of Colorado
- login of registreer om te reageren






