Vaccinatie tegen Q-koorts
Dossier
Voor 2010 zijn 1,5 miljoen doses vaccin beschikbaar. Hiermee worden de schapen en geiten gevaccineerd, die mogelijk een risico voor de volksgezondheid kunnen vormen, indien zij besmet zijn met Q-koorts. Het gaat om alle melkgeiten en melksschapen en alle schapen en geiten op kinderboerderijen, dierentuinen, zorgboerderijen, scholen, educatieve centra, agrocampings en bedrijven die lammetjesaaidagen houden. Voor deze groepen geldt een landelijke vaccinatieplicht. De overige schapen en geiten kunnen op vrijwillige basis worden gevaccineerd. Maar in beperkte mate.
In februari en april komen 600.000 doses beschikbaar. De rest wordt gefaseerd tussen juni en november afgeleverd. Voor de verplichte vaccinatie zouden één miljoen doses nodig zijn. Dit betekent dat hobbymatige en kleinschalige houders pas later dit jaar aan de beurt zijn.
Vaccinatie van geiten en schapen wordt ingezet om Q-koorts te bestrijden. Desondanks breidt de epidemie zich snel uit. Algemeen wordt verwacht dat zich ook in 2010 menselijke besmettingen zullen voordoen. De bacterie is wijd verspreid in de omgeving en kan daar geruime tijd overleven.
Gezondheidsdienst voor Dieren
Schapen- en geitenhouders die hun dieren vrijwillig willen laten vaccineren kunnen dit schriftelijk melden bij de Gezondheidsdienst voor Dieren, Diergezondheidsadministratie Kleine Herkauwers, Postbus 9, 7400 AA Deventer. Zij krijgen vervolgens een aanmeldingsformulier opgestuurd (zie ook bijlage). Op basis van de datum van aanmelding worden deze houderijen vervolgens ingepland, zolang er voldoende vaccin beschikbaar is.
Geen prioriteiten bij vrijwillige vaccinatie. De overheid geeft geen advies over welke dieren bij de vrijwillige vaccinatie voorrang moeten krijgen. Belangrijk is dat de vaccinatie voor de dracht plaats vindt. Want met name bij het aborteren en lammeren kunnen grote hoeveelheden van de Q-koortsbacterie vrij komen. Er wordt gevaccineerd om te voorkomen dat er door Q-koorts abortus optreedt en om de uitscheiding van bacteriën tijdens het aflammeren te voorkomen. Daarom wordt geadviseerd dieren die niet gevaccineerd zijn niet te laten dekken.
Drachtige dieren mogen officieel niet worden gevaccineerd. Het risico dat vaccinatie leidt tot verwerpen wordt weliswaar zeer klein geacht, maar het vaccin is vooralsnog onvoldoende getest op drachtige schapen en/of geiten. Daarom geldt er ook geen vrijstelling voor het gebruik van het vaccin voor drachtige dieren. Wie het vaccin toch gebruikt bij drachtige dieren, doet dat geheel op eigen risico.
Schapen- en geitenhouders moeten bij de planning van de vaccinatie rekening houden met het volgende inentingsschema:
- minimale leeftijd bij vaccinatie 3 maanden;
- twee vaccinaties met 3 weken tussentijd;
- dekken vanaf 2 weken na laatste vaccinatie.
Registratie van Q-koorts vaccinatie
Houders van schapen en geiten die hun dieren moeten inenten tegen Q-koorts, zijn verplicht de vaccinatie te registreren in de I&R databank schapen en geiten. Wie niet onder de vaccinatieplicht valt, maar toch zijn schapen en geiten wil inenten, kan dit eveneens vastleggen in de databank. Dat mag, maar hoeft niet, laat het ministerie van LNV weten.
In onderstaand document staat beschreven hoe de registratie in z'n werk gaat. Uiteraard moeten de gevaccineerde schapen en geiten eerst worden aangemeld bij de I&R databank.Op deze website staat alles over elektronische I&R in een speciaal dossier. Dierhouders die vallen onder de verplichte vaccinatie, moeten deze binnen 7 dagen na de vaccinatiedatum registreren. Dat kan vanaf 1 april 2010. Vaccinaties tussen 1 januari en 1 april moeten vóór 14 april 2010 geregistreerd zijn.
Voor vaccinatie is een UBN nodig. Het is voor elke houder van geiten en schapen verplicht om een UBN te hebben. Vraag daarom zo snel mogelijk een UBN aan bij het LNV-Loket tel. 0800 22 333 22 (gratis) ma/vr 8.30 – 16.30 of via www.hetlnvloket.nl
| Bijlage | Grootte |
|---|---|
| Opgaveformulier vrijwillige Q-fever vaccinatie 2010.doc.pdf | 11.55 KB |
| registratie vaccinatie Q koorts.pdf | 571.6 KB |





