Vaccinatie tegen Q-koorts
Dossier
Bedrijven met een publieksfunctie, zoals kinderboerderijen en zorgboerderijen, zijn verplicht hun schapen en geiten voor 1 januari 2012 in te enten tegen Q-koorts. Na 2012 geldt een uiterste vaccinatiedatum van 1 augustus.
Particulieren met schapen en geiten die hun dieren vrijwillig willen laten vaccineren kunnen dit schriftelijk melden bij de Gezondheidsdienst voor Dieren, Diergezondheidsadministratie Kleine Herkauwers, Postbus 9, 7400 AA Deventer. Zij krijgen vervolgens een aanmeldingsformulier opgestuurd (zie ook bijlage).
Belangrijk is dat de vaccinatie voor de dracht plaats vindt. Want met name bij het aborteren en lammeren kunnen grote hoeveelheden van de Q-koortsbacterie vrij komen. Er wordt gevaccineerd om te voorkomen dat er door Q-koorts abortus optreedt en om de uitscheiding van bacteriën tijdens het aflammeren te voorkomen. Daarom wordt geadviseerd dieren die niet gevaccineerd zijn niet te laten dekken.
Drachtige dieren mogen officieel niet worden gevaccineerd.
Het risico dat vaccinatie leidt tot verwerpen wordt weliswaar zeer klein geacht, maar het vaccin is vooralsnog onvoldoende getest op drachtige schapen en/of geiten. Daarom geldt er ook geen vrijstelling voor het gebruik van het vaccin voor drachtige dieren. Wie het vaccin toch gebruikt bij drachtige dieren, doet dat geheel op eigen risico.
Schapen- en geitenhouders moeten bij de planning van de vaccinatie rekening houden met het volgende inentingsschema:
- minimale leeftijd bij vaccinatie 3 maanden;
- twee vaccinaties met 3 weken tussentijd;
- dekken vanaf 2 weken na laatste vaccinatie.
Voordat een dierhouder overgaat tot vaccinatie van schapen en/of geiten is het goed na te gaan of de dieren mogelijk zijn besmet. Vaccinatie van besmette dieren is immers minder effectief dan vaccinatie van niet-besmette dieren. Het vaccin is geen geneesmiddel. Wel neemt bij besmette dieren na vaccinatie de uitscheiding van bacterien en de kans op abortus af. De kans dat geiten en/of schapen zijn besmet neemt toe naarmate deze dichter bij een besmet bedrijf verblijven. Wie zekerheid wil, kan zijn dieren laten testen. Bestaande tests geven echter nogal wat vals-negatieve uitslagen. Dat komt doordat de uitscheiding van bacterien een nogal grillig verloop kent. Het kan zijn dat er wordt getest op een moment dat een besmette geit net even wat minder of helemaal geen bacterien uitscheidt. Zo'n test heeft dan een vals-negatieve uitslag.
Registratie van Q-koorts vaccinatie
Houders van schapen en geiten die hun dieren moeten inenten tegen Q-koorts, zijn verplicht de vaccinatie te registreren in de I&R databank schapen en geiten. Wie niet onder de vaccinatieplicht valt, maar toch zijn schapen en geiten wil inenten, kan dit eveneens vastleggen in de databank. Dat mag, maar hoeft niet, zo heeft het (voormalige) ministerie van LNV laten weten.
In onderstaand document staat beschreven hoe de registratie in z'n werk gaat. Uiteraard moeten de gevaccineerde schapen en geiten eerst worden aangemeld bij de I&R databank.Op deze website staat alles over elektronische I&R in een speciaal dossier. Dierhouders die vallen onder de verplichte vaccinatie, moeten deze binnen 7 dagen na de vaccinatiedatum registreren.
Voor vaccinatie is een UBN nodig. Het is voor elke houder van geiten en schapen verplicht om een UBN te hebben. Vraag daarom zo snel mogelijk een UBN aan bij het LNV-Loket tel. 0800 22 333 22 (gratis) ma/vr 8.30 – 16.30 of via www.hetlnvloket.nl
| Bijlage | Grootte |
|---|---|
| Opgaveformulier vrijwillige Q-fever vaccinatie 2010.doc.pdf | 11.55 KB |
| registratie vaccinatie Q koorts.pdf | 571.6 KB |






.jpg)





