Elektronische I&R voor schapen en geiten
Dossier
De Nederlandse overheid heeft daartoe een centrale databank opgericht voor alle schapen en geiten. Dit houdt in dat houders van schapen en geiten
- zich registreren bij Dienst Regelingen voor een relatienummer;
- beschikken over een Uniek Bedrijfsnummer (afgekort UBN);
- hun dieren die na 1 januari 2010 geboren zijn, identificeren met 1 elektronisch en 1 visueel merk;
- alle wijzigingen (geboorte, aan- en afvoer, dood) melden bij de I&R-database.
Vervoersbewijzen zijn na 1 januari 2010 niet meer nodig wanneer de gegevens voorafgaand aan het vervoer in de centrale databank worden bijgehouden. Meldingen moeten uiterlijk binnen zeven dagen zijn gedaan. Wordt er na aan- enóf afvoer gemeld dan is er wel een vervoersbewijs nodig. Vervoersdocumenten kunnen worden gedownload vanaf de website www.hetlnvloket.nl
Het nieuwe I&R systeem maakt het bijhouden van een bedrijfsregister overbodig. Oude bedrijfsregisters moeten nog wel tot 2013 worden bewaard.
___________________________________________________________
Uit: Levende Have, augustus 2009
Een digitaal vanghek voor alle schapen en geiten
Waar is het dier, waar was het dier en met welke andere dieren is het in contact geweest? Op die vragen moet het nieuwe elektronische I&R-systeem voor schapen en geiten een feilloos antwoord geven. Arjen Dijkstra en Niki Dieckmann van de Dienst Regelingen over ‘’Big Brother Is Watching You’’.
Er is geen ontkomen aan. Bij de Dienst Regelingen in Assen bouwen ze op dit moment een groot digitaal ‘’vanghek’’ dat alle schapen en geiten van Nederland in beeld moet brengen. Elektronische, individuele identificatie en registratie (I&R) heet het vakkringen. Weinig houders zijn ervan doordrongen wat dit betekent. Arjen Dijkstra, een van de projectleiders I&R, spreekt van een ‘’cultuuromslag. ‘’Het is echt een grote verandering. Ik kan me goed voorstellen dat het op weerstand stuit. Het heeft toch iets van ‘Big Brother Is Watching You’.’’ Niki Dieckmann, projectleider communicatie en invoering: ‘’Je kunt straks niet meer een leuk lammetje zo maar aan iemand meegeven. Het adres waar het lammetje naartoe gaat, moet geregistreerd zijn, anders kun je het in het systeem niet eens afvoeren.’’
Het nieuwe I&R-systeem voor schapen en geiten staat, ondanks een vertraging van ongeveer een half jaar op ICT-gebied, in grote lijnen klaar voor de testfase. Minister Verburg twijfelt er niet aan dat de invoeringsdatum van 1 januari 2010 gehaald wordt. Hoe de kosten verdeeld gaan worden is minder duidelijk. De overheid neemt een deel voor haar rekening, de rest moet de sector ophoesten. Daar is nog het nodige over te doen.
Uniek dier nummer
Maar behalve op het financiële vlak, valt er ook nog enig rumoer te verwachten als iedereen beseft wat het nieuwe systeem precies inhoudt. De houders van schapen en geiten hebben de afgelopen jaren al veel vrijheid ingeleverd sinds ze voor hun dieren een Uniek Bedrijfs Nummer (UBN) moeten aanvragen, om ze vervolgens allemaal te voorzien van eerst één en toen twee oormerken. Vanaf 1 januari 2010 komt daar nog eens een registratieplicht voor elk dier afzonderlijk bovenop, inclusief een verplicht elektronisch merk. Dat betekent in feite de verdere invoering van een uniek dier nummer.
De registratieplicht voor elk dier afzonderlijk bestaat overigens al: iedere schapen- en geitenhouder moet op papier of op zijn eigen computer een bedrijfsregister bijhouden. Maar het is toch net even iets anders als alle schapen en geiten in een door de overheid gecontroleerd systeem, een zogeheten database, worden opgenomen. Het bedrijfsregister kan naar zolder, het systeem neemt de administratie van de houders over. Ook vervoersbewijzen hoeven straks – onder voorwaarden - niet meer te worden aangevraagd en ingevuld. Dierhouders geven alle mutaties door via internet of de telefoon.
Voordelen
Hoe groot de veranderingen ook zijn en hoe hard houders van schapen en geiten ook zullen mopperen – de komst van elektronische I&R is onafwendbaar. Gelukkig biedt het ook de nodige voordelen. Zo maakt het systeem een eind aan een ondoorzichtige en vrij omvangrijke illegale handel in schapen en geiten. In geval van een dierziekte kunnen besmettingen sneller worden opgespoord en dus bestreden.
‘’Het systeem biedt ook mogelijkheden om per dier aan te geven dat het is gevaccineerd tegen diverse ziekten’’, voert Arjen Dijkstra verder aan. En Niki Dieckmann voegt toe: ‘’Als je alle verblijfplaatsen weet, kun je op grond van een risicoanalyse beter en gerichter een besmettelijke dierziekte bestrijden. Met het nieuwe systeem zijn heel veel ruimingen te voorkomen.’’
Dijkstra: ‘’Jonge dieren hoeven niet langer binnen 30 dagen na geboorte te worden gemerkt. Dat kan ook later, als het maar binnen een half jaar gebeurt, of voordat het lam wordt afgevoerd. Dat is een versoepeling ten opzichte van de huidige regels. Je meldt ze als ze gemerkt zijn. Dat is dan de geboortemelding. Door die versoepeling kun je een hele groep lammeren tegelijk aanmelden. Als je even niet meer weet of je een dier al hebt aangemeld, dan kun je dat heel makkelijk controleren. We proberen het systeem zo in te richten dat je de gegevens die je al hebt geregistreerd, zo kunt ophalen.’’
Dieckmann: ‘’Houders krijgen ook veel meer keuzemogelijkheden wat betreft de identificatiemiddelen: maagbolussen, injectabele transponders, elektronische oormerken. Als de dieren een oormerk kwijt raken, dan mag je (als ze bij jou geboren zijn) de merken helemaal vervangen, of anders een nummer bijbestellen dat bijvoorbeeld bij de bolus past. Om kosten te voorkomen mag je eventueel een tijdelijk, rood merk aanbrengen.’’
Praktische bezwaren
Voor sommige houders zal het nieuwe systeem ondanks de vele voordelen op grote praktische bezwaren stuiten. Vooral voor houders die hun dieren geregeld verplaatsen (bijvoorbeeld schaapherders) is het ondoenlijk om daar telkens melding van te maken. ‘’Ik zie mezelf niet met m’n laptop de hei op gaan’’, zei een schaapherder onlangs op een I&R-bijeenkomst. Ook de stamboeken moeten hun administratie aansluiten op het nieuwe systeem. Stamboeken die werken met bekende softwarebedrijven, zullen daar weinig hinder van ondervinden. ‘’In mei hebben we met de softwareleveranciers gesproken en die waren heel positief’’, aldus Arjen Dijkstra. Maar de kleinere stamboeken die de gegevens in een excel-bestand hebben staan, moeten iets verzinnen om de nieuwe nummering van elektronische I&R over te nemen in hun eigen administratie. Als ze de kosten van een softwarepakket niet kunnen dragen, dan zouden ze een machtiging kunnen aanvragen bij hun leden om de benodigde gegevens uit de centrale database naar hun eigen excel-bestand te kunnen kopiëren, raadt Dijkstra ze aan.
De invoering van een centrale database voor alle schapen en geiten is een uitvloeisel van de door Europa voorgeschreven elektronische identificatie voor alle schapen en geiten. Volgens Dijkstra lag de nieuwe database voor schapen en geiten al besloten in de database voor de runderen. ‘’Toen het systeem voor de runderen werd gebouwd is er al rekening mee gehouden dat de schapen en de geiten er ook in zouden komen. In 2006 hebben we een pilot uitgevoerd. Gebleken is dat het kon. Het systeem moest wel worden aangepast aan de verordeningen die voor schapen en geiten gelden.’’
Voorbeeld is de al bestaande Europese transportverordening. Dijkstra: ‘’Het vervoer van schapen en geiten is een van de belangrijkste registratiemomenten. We willen het vervoersdocument afschaffen en dat kan ook. Maar deze verordening schrijft wel voor dat er bij een transport van langer dan 50 kilometer toch een vervoersdocument moet worden opgemaakt. Dat kan dus nu ook in de database, met de keuzemogelijkheid om er ook een papieren versie van te maken.’’
(Jinke Hesterman)
Wat gaat er veranderen?
- Alle na 1 januari 2010 geboren lammeren moeten een elektronisch merk en een visueel merk dragen.
- Het aanbrengen van de merken wordt verruimd: dit moet binnen een half jaar gebeuren.
- Houders schapen en geiten moeten vanaf 1 januari al hun lammeren en verplaatsingen melden aan de centrale database van het I&R-systeem. Tot 1 juli 2010 hebben ze de tijd om de dieren die nu al bij hen lopen (en niet worden afgevoerd) aan te melden.
- Registratie loopt via internet, maar kan ook telefonisch.
- Elke wijziging – geboorte, aan- en afvoer van dieren, overlijden – moet worden gemeld.
- Een houder kan iemand anders (familielid, collega-houder, handelaar, vervoerder) machtigen de gegevens in te voeren.
- Afvoer van schapen en geiten naar een houder zonder UBN is niet meer mogelijk.
- De centrale database biedt de houder de mogelijkheid op elk gewenst moment een uitdraai te maken van alle gegevens. Daarmee vervalt de verplichting om een bedrijfsregister bij te houden.
- Vervoersdocumenten zijn niet meer nodig, wanneer er voorafgaand aan het vervoer wordt gemeld.



.jpg)








